Verslag Marco Polo

 

Maritieme historische reis 2009.

Tekst en foto’s Wilto Eekhof.

 

Op maandag 21 september vertrok het ms “Marco Polo” met een groep lezers van de Blauwe Wimpel, leden van de Vereniging Nederlandsch Historisch Scheepvaartmuseum en de Vereniging voor Zeegeschiedenis, voor een reis van Kiel, via Noorwegen naar Schotland, Noord Ierland (Ulster), Ierland, Engeland en terug naar Bremerhaven. Daags voor vertrek was ons gezelschap met de bus naar Kiel afgereisd, waar de nacht werd doorgebracht in het Intercity Hotel aan de Kieler Förde. Voorafgaand aan de inscheping werden de stad en het aldaar gevestigde maritiem museum bezocht.

 

Bergen Noorwegen.

Bij het invallen van de duisternis voeren we de Oostzee op. ’s Nachts ging het daarna door de Grote Belt naar de Noordzee, waar tegen de middag ter hoogte van Skagen de koers werd verlegd richting Bergen. Hier werd de volgende ochtend afgemeerd aan de Skoltegrunskaien, op loopafstand van het stadscentrum. Velen maakten hiervan gebruik door op eigen gelegenheid het schilderachtige havenkwartier te bezoeken. Aan het einde van de middag was iedereen weer aan boord en werd via de Bergenfjord koers gezet naar de Shetland Eilanden.

 

Shetland Eilanden.

Om 08.00 uur werd op de rede van Lerwick het anker uitgegooid en gingen we met  tenders naar de wal. Hier stond een bus gereed, die ons via Fort Charlotte naar het  noordwestelijk gelegen schiereiland Northmavine bracht en Scalloway op het Centraal Mainland. De tocht ging door een prachtig verstild landschap naar de noordwest kust, waar we bij de vuurtoren Eshaness konden genieten van een schitterend uitzicht over de Atlantische Oceaan. Na de lunch ging het zuidwaarts naar het plaatsje Scalloway waar het plaatselijk museum werd bezocht. Het einde van de middag werd benut voor een bezoek aan het  maritieme museum van Lerwick. Een interessant museum, waar als werkproject historische schepen worden gerestaureerd en de geografische structuur van de eilanden fraai wordt verbeeld. Ook was er een vitrine gewijd aan onze landgenoten die hier vroeger op haringvangst gingen.

 

Schotland.

Die daarop volgende ochtend meerden we om 07.30 uur af in de baai bij Invergordon aan de Schotse oostkust. Velen bezochten van hieruit de stad Inverness en het nabij gelegen Loch Ness of het Schotse hoogland. Aan het einde van de dag verlieten we, onder de tonen van doedelzakmuziek, de rede van Invergordon weer en tooide de  ondergaande zon de baai en de daar gelegen olieplatforms, in een prachtige oranje gele gloed. Ons schip hield vervolgens op de Noordzee een noordwestelijke koers aan richting de Atlantische Oceaan.

 

Hebriden.    

De baai bij Stornoway was onze volgende bestemming, waar we rond 07.30 uur voor anker gingen. Hier bezochten we het Lews Castle en de  Noordoostkust van het eiland Lewis, om te eindigen bij het museum van Stornoway. De New Hebriden zijn wereldvermaard vanwege de schapenwol en de daarvan geweven Harris - Tweed stoffen, maar culinair gaven wij de voorkeur aan de overheerlijk gerookte zalm en kaas. Deze delicatesse kregen we, geserveerd met een glas bier,  voorgeschoteld na een rondleiding door het bedrijf van Stornoway Fish Smokers. Na ons weer ingescheept te hebben voor terugkeer met de tender naar de “Marco Polo”, werden de ankers rond 14.00 uur gelicht om koers te zetten naar Belfast.

 

Belfast, Noord Ierland/Ulster.

In deze beroemde Noord Ierse havenstad, meerden we die zondagochtend af aan de Stornmont Wharf. Op een enkeling na, gingen de meesten van ons gezelschap met de touringcar naar de werf van Harland & Wolff. Hier in het als “Titanic Quarter” aangeduide museum, maakten we een rondgang over het terrein waar de beroemde White Star schepen “Britanic”, “Olympic” en de fameuze “Titanic”, werden gebouwd. De enthousiaste en kundige gids, die ons rondleidde langs het enorme dok en door het deels tot restaurant annex souvenirwinkel omgebouwde pomphuis, wist ons van begin tot einde te boeien.

Aansluitend maakten we een korte rondrit door Belfast en reden we via de Protestantse Skanskill Road en de Katholieke Falls Road, waar de burgeroorlog nog voelbaar aanwezig was, naar het stadscentrum voor een fotostop.

Na de lunch werd een bezoek gebracht aan het Somme Heritage Centre. Hier wordt de geschiedenis van de Great War, zoals de Eerste Wereldoorlog ook wel wordt aangeduid, levend gehouden. In het bijzonder die van de strijd bij de rivier de Somme in Noord Frankrijk.  Een indrukwekkend tijdsbeeld van de strijd van de vaak nog jonge soldaten uit Ulster die, nog nooit van huis geweest, hier veelal het leven lieten of gewond raakten op de slagvelden van Noordwest Europa…

 

Ierland.

In Ierland werd daarna Killybegs aangelopen, een grote vissershaven aan de westkust, waar een excursie werd gehouden naar de kustregio Donegal. Daags daarna ging aan de zuidkust, op de rede van Glengarriff, het anker weer uit en werd de Ring of Beara gereden, een prachtige route met veel natuurschoon en pittoreske plaatsen langs de Atlantische kust. Cobh (uitspraak Cof) was onze laatste haven in Ierland, waar werd afgemeerd naast het Heritage Centre. Op indrukwekkende wijze wordt hier de emigratie verbeeld van de miljoenen Ieren die afreisden naar Canada, de Verenigde Staten, Australië en Nieuw Zeeland. Op de rede van Queenstown, zoals Cobh vroeger werd genoemd, heeft op 11 april 1911 ook de “Titanic” voor anker gelegen. Hier kwamen de laatste 123 passagiers aan boord en werden nog 1.400 postzakken geladen, alvorens ze aan haar fatale reis begon waarbij ruim 1.500 mensen omkwamen. Het was dit zelfde  Queenstown waar, 10 mijl westelijk van het iets zuidelijker gelegen Kinsale,  op 7 mei 1915 de “Lusitania” door slechts één torpedo van de Duitse onderzeeboot “U 20” werd getroffen en waarbij 1.198 mensen het leven lieten. Beide  scheepsrampen worden in het museum “The Queenstown Story” belicht en het was onze reisgenoot en Wimpellezer Frans Schot, die over de “Lusitania” een boeiende lezing hield. Zowel in Cobh, als Kinsale, verwijzen herinneringstekens naar deze ramp. In Cobh is ook een eenvoudige gedenkplaat die verwijst naar de ankerplaats van de “Titanic” in de havenmond bij Roch’s Point.

Vanuit Cobh werden door onze groep ook excursies gemaakt naar het nabij gelegen Cork, de tweede stad van Ierland, Kinsale en de prachtige omgeving van Zuidoost Ierland.

 

Scilly Eilanden. 

Onderweg naar de Britse zuidkust werden de idyllische Scilly Eilanden aangelopen. Ook hier gingen we weer met tenders van boord om, naar keuze, een bezoek te brengen aan het eiland St. Mary’s, met het stadje Hugh Town of het eiland Tresco.

Samen met enkele andere kleine eilanden maken deze eilanden deel uit van een archipel die zo’n 40 mijl westelijk van Lands End ligt. Met name de grillige rotspartijen van deze geïsoleerde eilandengroep zijn berucht bij  zeevarenden. In de loop der eeuwen zijn hier veel schepen op de rotsen gelopen en gezonken. Het was ook hier dat in 1967 de tanker “Torrey Canyon”, onderweg van de Perzische Golf naar Milfordhaven, met 120.000 ton ruwe olie op het “Seven Stonesrif” liep. Haar naam domineerde enkele dagen het wereldnieuws, toen de kusten en het onderwatermilieu werden besmeurd met een dikke laag olie. Vanaf St. Mary’s was ook de beroemde vuurtoren “Bishop Rock” te zien. Startpunt van de mailboten naar de Verenigde Staten en die de indertijd fel begeerde blauwe wimpel konden veroveren voor de snelste trans - Atlantische overtocht tussen deze vuurtoren in de zuidelijke Ierse Zee en “Ambrose  Lighthouse” voor de kust van New York.

 

Southampton.

Nadat de “Marco Polo” was afgemeerd langszij de Ocean Terminal in Southampton werd door de meeste deelnemers van onze groep een stadsrondrit gemaakt, met aansluitend een bezoek aan het scheepvaartmuseum. Ook hier weer aandacht voor de  “Titanic”, want haar eigenaren de White Star Line, hadden Southampton als vertrekhaven voor de maildiensten op New York. Enkele andere deelnemers van onze groep brachten een bezoek aan de stad Salisbury met haar indrukwekkende kathedraal en het nabij gelegen prehistorische Stonehenge. Bij het invallen van de duisternis was iedereen weer aan boord en werd koers gezet naar onze laatste aanloophaven Dover.

 

Dover.

Deze drukke veerhaven waar ook regelmatig cruiseschepen afmeren, werd in de ochtendschemering aangelopen en was ons vertrekpunt voor een excursie via Sandwich en Canterbury naar Sheerness. In het schilderachtige Sandwich maakten we een korte fotostop bij het haventje, ooit de grootste handelshaven van Engeland! Daarna werd het middeleeuwse stadscentrum van Canterbury, met de beroemde kathedraal, bezocht.  Sheerness was deze dag ons hoofddoel en daar bezochten we de bij Chatham gevestigde en tot maritiem museum omgebouwde marine werf, “The Historic Dockyard”. Hier bevindt zich ook een collectie schilderijen die verwijzen naar de slag bij Chatham. Want het was daar dat in 1667 onder bevel van admiraal  Michiel Adriaensz. de Ruyter, de Engelse vloot werd verslagen. Onze reisleider Anton Kok, had ons eerder deze reis daarover verslag gedaan. Na een korte vaartocht met een historische stoom radarboot over de rivier de Medway, keerden we terug naar Dover. Hier werden om 22.30 uur de trossen  binnen gehaald voor het laatste traject van deze reis.  

 

Noordzee.

Tijdens het ontbijt, toen we ter hoogte van de Westerschelde voeren, begon ons schip steeds meer te deinen. Dit was een gevolg van de uitlopers van een storm die de vorige dag en nacht over de noordelijke Noordzee was getrokken. En omdat, in verband met de geplande aankomsttijd die volgende ochtend in Bremerhaven, slow speed werd gevaren, kregen de korte en koppige golven flink  grip op ons schip.

‘s Middags bracht een aantal deelnemers nog een bezoek aan de brug, om daarna tijdens een gezamenlijke borrel, afscheid te nemen van Pieter Jongens en Anton Kok. Gedurende een reeks van jaren organiseerden zij - onder dankzegging -  een reeks prachtige reizen, waaraan met deze reis een einde kwam.  De rest van de middag werd benut voor het inpakken van de bagage of genoten van een inmiddels rustiger Noordzee, die vanuit het westen werd beschenen door een heerlijk zonnetje. Toen hadden we Den Helder, met de vuurtoren “Lange Jan”,  al achter ons gelaten en bepaalde de duinenrij van Texel, met de vuurtoren van De Koog, de horizon. Het was tenslotte het sterke licht van de Brandaris dat de avond inluidde.

 

Bremerhaven

In het donker van de ochtend voeren we de Weser op en meerden we rond 07.00 uur af bij de cruiseterminal van Bremerhaven. Daarmee was een einde gekomen aan een reis van 2.881 zeemijlen (5.335 km.).

 

Noot redactie Nedcruise. Kort voor deze reis werd surseance van betaling verleend aan het Duitse Transocean Tours. Inmiddels is een gedeelte van het bedrijf overgenomen door Premicon AG. De charterovereenkomst met de Marco Polo is beëindigd. Onder dezelfde naam vaart ze nu voor de nieuwe Engelse rederij Cruise & Maritime Services. Voor foto's en inlichtingen van het schip zie: http://www.nedcruise.info/marcopolo.htm

 Terug naar ervaringen overzicht